En ik zag toe toen het lam
het eerste van de zeven zegels opende
en ik hoorde het eerste van de
vier levende wezens roepen
met een stem als van een donderslag: kom!
En ik zag, en zie: een wit paard,
en die daarop gezeten was, had een boog.
En hem werd een kroon gegeven
en hij trok uit als overwinnaar
om te overwinnen.
En toen hij het tweede zegel opende,
hoorde ik het tweede levende wezen roepen: kom!
En een ander paard, vuurrood, trok uit.
En aan hem die erop gezeten was,
werd het gegeven de vrede van de aarde weg te nemen,
zodat men elkaar zou afslachten,
en hem werd een groot zwaard gegeven.
En toen hij het derde zegel opende,
hoorde ik het derde levende wezen zeggen: kom!
En ik zag, en zie: een zwart paard,
en die daarop gezeten was
had een weegschaal in zijn hand.
En ik hoorde iets als een stem
te midden van de vier levende wezens zeggen:
een maat tarwe voor een dagloon
en drie maten gerst voor een dagloon,
en breng geen schade toe aan de olie en de wijn!
En toen hij het vierde zegel opende,
hoorde ik de stem van het
vierde levende wezen roepen: kom!
En ik zag, en zie: een vaal paard,
en die daarop gezeten was,
diens naam was 'de dood',
en het dodenrijk volgde hem;
hun werd macht gegeven
over het vierde deel van de aarde
om te doden met het zwaard
en met de honger en de pest
en door de beesten van de aarde.